racinginside.com

  • racinginside.com
  • racinginside.com

Interview met Bas Schothorst

Bas Schothorst was enkele jaren geleden goed op weg in de formulewagens. In 2002 verdween hij echter van het toneel, om in 2005 zijn comeback te maken. Nu is Schothorst goed op weg in de BMW 130i Cup en het ziet er naar uit dat hij wellicht een van de titelkandidaten zal worden. RacingInside.com sprak met Bas Schothorst over zijn comeback en toekomstdoelen.

Bas SchothorstBas, voor vele ben jij inmiddels een bekende naam in de vaderlandse autosport en ondanks jou nog jeugdige leeftijd heb je al een schat aan ervaring in diverse autosportklassen. Is er echter iets wat de mensen nog moeten weten over Bas Schothorst in het algemeen, of op racegebied? Zou je bijvoorbeeld een korte introductie kunnen geven over jezelf?
Ik ben 28 jaar, woon in Amsterdam en race inderdaad al behoorlijk lang. Ik werk voor McGregor en ben verantwoordelijk voor het opbouwen van een aantal buitenlandse markten. Ik ben de laatste tijd ook behoorlijk wat winkels aan het openen op locaties als Kiev, Marrakesh en Warschau. Tevens houd ik me actief bezig met ons Formule 1 project met Spyker. Daarnaast doe ik buiten McGregor nog een aantal uiteenlopende projecten voor mezelf. Ik ben in ieder geval altijd druk!

Veel coureurs rollen via bekenden in de autosport. Is dit bij jou ook het geval? Net als velen ben jij ook gestart in de kartsport, is dit in jouw ogen ook werkelijk de bakermat van de autosport?
Mijn vader, Don, sponsorde eind jaren ‘80 een raceteam in de Renault 5 Turbo Cup en daarna in de Clio Cup. Het Schothorst & Partners Racing Team met Jip Coronel als beste rijder. Daarnaast is mijn oom, Jeroen, ook al lang actief in de autosport. Ik was als kind dus altijd al op het circuit te vinden. Zelf ben ik begonnen met karten toen ik 8 jaar oud was en na de eerste keer wilde ik eigenlijk niets anders meer. Karten is heel belangrijk. Je leert op jonge leeftijd al wat competitie is. Je ontwikkelt ook een bepaalde mentaliteit waar je heel veel aan hebt.

Jij hebt de nodige jaren, zeer verdienstelijk, in de formulewagens gereden. Zit er een groot verschil tussen de formulewagens en de toerwagens, BMW 130i, waar jij nu mee uitkomt?
Het is compleet anders. In de formulewagens heb ik geleerd om heel scherp te rijden. Het zijn echte raceauto’s. Dat is de BMW zoals wij er mee rijden niet. Ook het racen is anders. De coureurs begrijpen dat je ook met tweeën door een bocht kan gaan zonder elkaar te raken. In de BMW Cup wordt er, zelfs als je aan de binnenkant zit, gewoon ingestuurd. 

In 2002 werkte je een testprogramma af in de Formule 3 en plotsklaps was jij enkele jaren uit beeld verdwenen, om in 2005 een comeback te maken in de McGregor Porsche GT3 Cup. Wat deed jou ertoe besluiten om de autosport voor even vaarwel te zeggen en waarom ben jij weer terug gekomen in de autosport?
Het F3 avontuur mislukte doordat mijn hoofdsponsor afhaakte. Toen heb ik enkele jaren niet kunnen racen. In 2005 liep ik tijdens de vrijdag voor het eerste raceweekend toevallig op het circuit toen ik hoorde dat ze bij Tempo Team ineens een rijder miste. Rory Bertram vroeg of ik wilde rijden. Ik had niet eens een licentie en was drie jaar niet op een circuit geweest! Ik kon die dag nog zeven ronden rijden met de Porsche en zette hem de volgende dag tijdens de kwalificatie op de eerste startrij. Dat seizoen heb ik vijf races gereden bij drie verschillende teams, maar ik deed in ieder geval weer mee! Toen kreeg ik voor 2006 een heel goed aanbod van Tempo Team om in de BMW Cup te rijden.

In 2007 rijd je, voor het tweede seizoen, in de Samsung BMW 130i Cup. Wat is het sterke punt van deze klasse? Zie je ook nog punten die verbeterd kunnen worden aan de klasse en/of zijn bolide?
Het sterke punt zijn de rijders. Ik denk dat je zelden een dergelijk sterk veld hebt gezien in een nationale klasse. Ik vind het format echter niet goed. Ik zou graag een kwalificatie willen hebben op zaterdagochtend en race één op zaterdagmiddag. Dan zondag ochtend een ‘top ten qualification’ over één ronde en ‘s middags de tweede race. Ook de ‘reversed grid’ vind ik een ongelukkige keuze om meerdere, uiteenlopende redenen.

Wat zijn jouw verwachtingen voor 2007? Denk jij voor de titel te kunnen gaan? Tijdens het Pinksterweekend is immers wederom naar voren gekomen dat je mee kan strijden voor de overwinningen en podiumplaatsen.
Ik ga iedere race voor het maximale en als dat aan het einde genoeg is voor de titel zou dat fantastisch zijn. Ik zal wel de komende races mezelf naar een hoger niveau moeten tillen. Aan pure snelheid ligt het niet. Ik moet echter beter worden in het opbouwen van mijn race, omgaan met de banden en het kiezen van bepaalde momenten. Gelukkig leer ik in dat opzicht heel erg veel van mijn teamgenoot Tim Coronel. Tim maakt mij een betere coureur en ik probeer Tim op een gezonde manier zoveel mogelijk onder druk te zetten. We jutten elkaar continu op! Wij willen als team maximaal presteren.

Iedere coureur heeft races waar hij met een goed gevoel aan terugdenkt. Welke race in jouw carrière wekt bij jou de meeste positieve energie op? Zijn er ook races die jij zo snel mogelijk wilt vergeten?
Alle races die ik heb gewonnen, in karting en autosport, geven een goed gevoel maar één van mijn beste races was tijdens het Europese kampioenschap Formule Ford op Spa. Alle toppers deden mee en ik werd vierde achter drie fabrieksrijders. Ik ging zo ontzettend hard toen! De slechtste races wil ik niet alleen vergeten maar ben ik ook vergeten.

Naast de autosport ben jij ook actief in het zakenleven met McGregor. McGregor heeft de afgelopen jaren een belangrijk aandeel gehad in de vaderlandse autosport, zie jij jezelf als uithangbord voor McGregor binnen de autosport?
Op dit moment communiceren wij voornamelijk vanuit Formule 1. Als je naar personen kijkt kom je bij Tom Coronel en natuurlijk bij Tim. Ik zelf speel daar een veel kleinere rol in. Het klopt zeker dat wij met McGregor erg actief zijn met autosport. Het is echter wel altijd gericht en met een bepaalde filosofie. Sponsoring heeft alleen zin als je er ook echt wat mee doet. Een goed voorbeeld daarvan zijn onze Spyker kledingcollecties. Met de BMW Cup doen we bijvoorbeeld veel op het gebied van relatiemarketing en behalen we exposure met TV programma’s als RTL GP en AutoXperience.

Zijn er in jouw carrière bepaalde doelstellingen die koste wat het kost nog gerealiseerd moeten worden? Hoe denk jij dat jouw toekomst in de autosport eruit zal komen te zien?
Dat is moeilijk te voorspellen. Ik zou graag in de Porsche Supercup willen rijden. Dat lijkt me een geweldige uitdaging. Daarnaast wil ik heel graag een keer meedoen aan de 24 uren van Le Mans. En als dat allemaal niet gaat rijd ik met net zoveel plezier in een nationale klasse. Ik vind het wel gezond om de lat altijd een beetje hoog te leggen.

Wanneer er de mogelijkheid zou zijn om één dag te ruilen met het leven van een andere coureur, met welke coureur zou jij dan ruilen?
Ik wou wel willen ruilen met Jeff Gordon. Het lijkt me echt extreem gaaf om een race in de NASCAR te rijden. De Amerikaanse sfeer en de beleving die je daar als coureur uit haalt zijn geweldig.